Toegankelijk vormgeven Hoe maak ik mijn informatie toegankelijk? Mensen met beperkingen hebben recht op toegankelijke informatie. Dit betekent dat zij gebruik moeten kunnen maken van je medium (bijv. folder of website) en dat je informatie zelf begrijpelijk is. Deze aflevering van Tips & Trucs gaat over toegankelijk vormgeven. Doel Toegankelijke informatie wordt aangeboden in een vorm die door iedereen te gebruiken is. Een goede vormgeving is prettig voor alle gebruikers, maar zeker voor mensen met visuele of verstandelijke beperkingen. Bijvoorbeeld: de letters zijn leesbaar, de zinnen zijn te overzien, de alinea's zijn te volgen en zonder kleur blijft je boodschap helder. Toegankelijke informatie begint met het duidelijk vaststellen van je doelgroep en de eisen die dat stelt aan de vormgeving. Ook al is een tekst eenvoudig begrijpbaar, een slechte vormgeving kan de informatie toch ontoegankelijk maken. Denk bij toegankelijke vormgeving bijvoorbeeld aan lettertype en opmaak. Vorm . Zin=regel: probeer om niet meer dan één zin per regel te schrijven; begin zo mogelijk iedere nieuwe zin op een nieuwe regel. . Alinea: zorg dat duidelijk is wanneer een nieuwe alinea begint. . Interlinie: kies voor een brede interlinie (minimaal 1). . Witruimte: zorg voor voldoende witruimte op de pagina (brede marges, ruimte tussen alinea's). . Letter: gebruik een groot lettertype (punt 11 of meer). . Schreefloos: gebruik schreefloze letters, d.w.z. zonder tierelantijntjes (Verdana, Tahoma); gebruik geen handgeschreven teksten. Schreefloze letters zijn voor moeilijke lezers beter leesbaar. . Uitlijnen en afbreken: links uitlijnen (niet uitvullen) en niet afbreken leest makkelijker. . Structureer: breng een zichtbare structuur aan in de tekst. Dit helpt bij het begrijpen. Denk daarbij aan inhoudsopgave, hoofdstukindeling, tussenkopjes en wit tussen de tekstblokken. . Contrast: een goed contrast tussen de achtergrond en tekst is belangrijk. . Kleur: houd rekening met mensen die kleurenblind zijn. Informatie moet bijv. ook in grijstinten leesbaar blijven. Controleer of een zwart-wit kopie van een tekst nog leesbaar is. . Tekst centraal: er dienen geen foto's, illustraties of rasters 'achter' een tekst te staan. Dit bemoeilijkt het lezen. . Geen afleiding: breng geen zaken in beeld die niet met het onderwerp te maken. In een folder over de Wmo horen geen werkplekaanpassingen. Die worden immers verstrekt op basis van de Wet Werk en Inkomen naar Arbeidsvermogen (WIA). . Formaat: zorg dat de hoeveelheid tekst past bij het formaat van je uitgave. Materiaal . Hanteerbaar materiaal: voor mensen met een beperkte handfunctie is geplastificeerd of glad materiaal moeilijker te gebruiken. Bovendien is geplastificeerd, glimmend materiaal moeilijk te lezen voor slechtzienden. . Papiersoort: kies papier dat zo dik is dat de tekst op de andere kant van het papier er niet doorheen schijnt. . Kaart: het is prettig als aan schriftelijk informatiemateriaal een kaartje is toegevoegd om een concrete voorziening of ondersteuning of een informatiepakket aan te vragen. Herkenning . Herkenbaar: zorg dat duidelijk is waar het informatiemateriaal over gaat. De omslag dient een goed beeld te geven van de inhoud. . Doelgroep: zorg dat de doelgroep zich in het informatiemateriaal herkent. Is het voor ouderen, laat dan ook ouderen zien. Als het voor een brede doelgroep is, sluit dan geen groep uit en breng ze allemaal in beeld. Beter is het echter om de diverse doelgroepen apart te benaderen en voor elk goed uit te leggen wat die voorzieningen en ondersteuning nu inhouden. . Afzender: zorg dat zichtbaar is van wie de informatie afkomstig is en wanneer de folder is uitgegeven (is de informatie nog actueel). Multimediaal . Letters: zorg dat bij een gesprek waarin bijvoorbeeld uitleg over een wetswijziging wordt gegeven (mondelinge communicatie) dat deze informatie ook op papier beschikbaar is. Mensen kunnen het achteraf thuis nog eens rustig nalezen. . Illustraties: voor mensen die problemen hebben met lezen en schrijven, is het belangrijk dat de informatie ook in tekeningen of foto's wordt gepresenteerd. Ook pictogrammen (plaatjes) helpen bij het kunnen begrijpen van de tekst. . Spraak: voor mensen met visuele beperkingen is het belangrijk om informatie ook in aangepaste leesvormen beschikbaar te stellen zoals groot letterdruk en braille. Of zorg voor een CD-rom en een Daisy-rom waarop de tekst in gesproken vorm wordt aangeboden. . Vertaal: voor mensen met auditieve beperkingen (gehoorproblemen) is het belangrijk dat gesproken informatie toegankelijk wordt gemaakt door ondertiteling van programma's, de inzet van tolken (tolken gebarentaal, tolken Nederlands ondersteunt met gebaren of schrijftolken). Laat je een video maken, zorg dan voor ondertiteling voor mensen met een auditieve beperking (gehoorproblemen) of voor een gebarentolk die in het scherm tolkt. . Web: Maak je een website, zorg dan dat deze voldoet aan de toegankelijkheidseisen (Waarmerk drempelvrij), maar biedt ook de mogelijkheid aan om de teksten te laten voorlezen (bijv. ReadSpeaker of BrowseAloud). Zie handreiking toegankelijk internet. Bekijk ook de VCP-handreiking 'Hoe maak ik informatie toegankelijk?' [http://www.programmavcp.nl/intranet/downloads/Downloads%20website%20VCP/hoe maakikinfotoegankelijk_handreiking.doc]