Aan De Officier van Justitie. Postbus 30004, 9400 RA Assen. Emmen 07.03.2007 Aangifte: Mijnheer / Mevrouw de officier van justitie. Middels dit schrijven doe ik aangifte, tegen het hoofd van het stembureau, van de gemeente Emmen, Burgermeester C. Bijl, op bases van de Grondwet, Artikel 1, die verbid onderscheid te maken op: o.a. {handicap en of chronische ziekte} het hoofd van het stembureau is van mening dat het vrij en geheim stemmen, bij de provinciale verkiezingen d.d. 07.03.2007, niet behoeft te worden mogelijk gemaakt, voor Blinden en Slechtzienden {mij} Het hoofd van het stembureau is van mening dat, blinden en slechtzienden een {derde moeten vragen voor hen {mij} te stemmen} en of in aanwezigheid daarvan te stemmen. Het maken van onderscheid op grond van handicap dan wel chronische ziekte is strafbaar volgens de grondwet, het hoofd van het stembureau te Emmen, heeft {willens en wetens} geen maatregelen genomen, om deze ongelijke bejegening te voorkomen, dan wel de {stemprocedure} voor een ieder toegankelijk te maken, en dus door den dergelijke houding de ongelijke bejegening op te heffen. Nadere motivering: In een vergadering van de gemeentelijke commissie, bestuur middelen en economie waar de burgermeester bij aanwezig was, in september 2006, is door mij publiekelijk kenbaar gemaakt, dat de stemcomputer toegankelijk moet zijn voor alle burgers dus ook voor blinden en slechtzienden, er is verwezen naar waar de informatie te vinden is, te weten bij het door de regering ingestelde bureau {toegankelijkheid} "LBT" In november 2006, is publiekelijk aandacht besteed aan de verplichting vrije en geheime verkiezingen voor een ieder mogelijk te maken, dus ook voor blinden en slechtzienden, er is verklaard, dat vrij en geheim moet kunnen worden gestemd, dus ook voor blinden en slechtzienden, en dat ongelijke behandeling in deze door de grondwet verboden is. In december 2006, is nog eens publiekelijk via radio Emmen aandacht aan dit onderwerp besteed, de burgermeester heeft kunnen weten dat er onder de bevolking van zijn gemeente burgers zijn die niet normaal kunnen deelnemen, aan het stemmen tijdens verkiezingen, hem is duidelijk aangegeven waar de informatie te vinden is, en aan welke voorwaarden stemmen voor alle burgers mogelijk moet zijn. Daarom verzoek ik u om mijn aangifte jegens het hoofd van het stembureau van de gemeente Emmen, bij deze te willen vervolgen, op grond van de hierboven vermelde omstandigheden en wetten die van overeenkomstig belang zijn. Gaarne verneem ik van uw nader in verband met deze aangifte. Hoogachtend, H. Hendriks,