Toegankelijkheid van stembureaus Kunnen deelnemen aan de verkiezingen is een grondwettelijk recht voor iedere Belg die minstens 18 jaar oud is. De stembusgang verloopt echter niet voor iedereen zonder problemen. Personen met een handicap en ouderen die zelfstandig hun stem willen uitbrengen, kunnen heel wat hinder ondervinden: moeilijk begaanbare voetpaden, te ver afgelegen parkeerplaatsen, te smalle doorgangen, trappen, moeilijk leesbare stembrieven... Al die problemen zorgen ervoor dat mensen vaker een beroep moeten doen op het stemmen bij volmacht. Toch moeten ook personen met een beperking de kans krijgen om zelf hun stem uit te brengen. Dit is trouwens de enige manier om het stemgeheim te waarborgen. Concreet houdt dat in dat iedereen het stembureau kan bereiken, er binnen kan en er zijn stem kan uitbrengen. Met deze brochure willen we vooral de gemeentebesturen die zorgen voor de organisatie van de verkiezingen, informeren over hoe de stemlokalen beter toegankelijk kunnen worden gemaakt. keuze van het gebouw In de eerste plaats is de keuze van een geschikte accommodatie bepalend voor de toegankelijkheid van de stembureaus. Stembureaus worden immers tijdelijk ingericht in bestaande gebouwen, zoals scholen of dienstencentra. Toch zijn deze gebouwen niet altijd voor iedereen toegankelijk. De onderstaande normen en richtlijnen van de parkeerplaatsen, het toegangspad en de onmiddellijke toegang tot het gebouw bepalen of de basistoegankelijkheid gegarandeerd wordt en dus of het gebouw geschikt is als stembureau. Als het gebouw niet voldoet aan die voorwaarden, is het aan te raden een andere locatie te kiezen. parkeerplaatsen . Ten minste één parkeerplaats wordt gereserveerd voor personen met een handicap. Die parkeerplaats bevindt zich zo dicht mogelijk bij de ingang van het gebouw (bij voorkeur niet verder dan 25 m). . Die plaats is minstens 3,50 m breed en 5 m lang (6 m als de auto's achter elkaar geparkeerd worden). . Aansluitende voetpaden en trottoirafritten zijn goed bereikbaar. Als bij het gebouw geen parkeerplaats voor personen met een handicap aanwezig is, kan er tijdelijk voor een dergelijke parkeerplaats gezorgd worden. Zijn de bestaande plaatsen niet groot genoeg, dan kan men twee parkeerplaatsen afbakenen en met het gekende pictogram aangeven. toegangspad . Een zuiver en effen toegangspad (zonder kuilen of losliggende tegels) en zonder obstakels verzekert de rolstoelvastheid en zorgt ervoor dat slechtzienden en mensen die moeilijkheden hebben bij het lopen, niet struikelen. Indien mogelijk moet men kiezelsteentjes proberen te vermijden. Het pad is bij voorkeur minstens 1,50 m breed; 1,20 m is het absolute minimum. . Als de toegang niet vlak is, moet er een hellingsbaan en een trap aanwezig zijn. De hellingsgraad van die helling bedraagt hoogstens 5 % voor een maximale lengte van 10 m en hoogstens 7 % voor een lengte van 5 m. Boven en onder elke hellingsbaan moet er een vlak bordes zijn. Het hellend vlak is minstens 1,20 m breed. De trap mag niet te steil zijn en is voorzien van slipvrij materiaal. De eerste en de laatste trede kunnen voor slechtzienden geaccentueerd worden door een strip in een contrasterende kleur. Zowel langs de hellingen als aan de trappen zijn bij voorkeur aan beide zijden stevige leuningen aangebracht. Als het gebouw enkel toegankelijk is via een trap of een te hoge drempel, kan dit niveauverschil weggewerkt worden door tijdelijk een hellingsbaan te plaatsen. Een dergelijke hellingsbaan kan worden gehuurd of zelf gemaakt in hout of metaal. onmiddellijke toegang . De toegang moet drempelvrij zijn, een niveau-verschil van niet meer dan 2 cm is door een rolstoelgebruiker nog zelfstandig te nemen. . De vrije doorgangsbreedte van de toegangsdeur bedraagt 90 cm, een doorgang van 80 cm is voor de meeste mensen ook nog mogelijk. . Glazen deuren krijgen op ooghoogte een contras-terende kleurmarkering of worden gemarkeerd door een informatieblad of bewegwijzering. . Als een alternatieve route beter toegankelijk is voor rolstoelgebruikers, moet dat duidelijk aangegeven worden. inrichting van het stembureau Als de keuze voor een geschikt gebouw eenmaal is gemaakt, komt de inrichting ervan aan de beurt. Het is hierbij belangrijk dat er voldoende aandacht wordt besteed aan de bewegwijzering, de doorgangsmaten en manoeuvreerruimten, en natuurlijk aan de opstelling van het stemhokje zelf. In een groot aantal steden en gemeenten in Vlaanderen kan nu ook per computer gestemd worden. Voor de inrichting van die stemhokjes gelden enkele extra aandachtspunten. bewegwijzering De bewegwijzering staat op een opvallende plaats en is duidelijk leesbaar: . Informatieborden hangen op een hoogte van 2,20 m voor een grote leesafstand en op een hoogte van 1,40 m tot 1,60 m als de leesafstand kleiner is. . De grootte van de letters is minstens 1 % van de leesafstand. Dat betekent dat lettertekens die op een afstand van 4 m gelezen moeten kunnen worden, 4 cm groot moeten zijn. Informatieborden moeten minstens op 1 m leesbaar zijn. . Voor slechtzienden kan de tekst vergroot worden. . Zorg voor voldoende kleurcontrast tussen de tekst en de achtergrond, bijvoorbeeld zwart-wit of geel-blauw. . Kies voor een duidelijk leesbaar lettertype. Eenvoudige letters, zonder versieringen komen hiervoor in aanmerking. Voor wegwijzers en opschriften geniet een schreefloze letter de voorkeur. stembureau . Als het niet mogelijk is de stembureaus op de benedenverdieping in te richten, moet in het gebouw een lift aanwezig zijn van minstens 1,10 m op 1,40 m. . De deuren waar men door moet om het stembureau te bereiken, moeten voldoen aan de norm: ze hebben een vrije doorgangsbreedte van minstens 80 cm; een breedte van 90 cm strekt tot aanbeveling. . De doorgangen zijn minstens 1,20 m breed; op plaatsen waar men met een rolstoel moet kunnen draaien (bijvoorbeeld om door de deur te gaan) zijn ze 1,50 m breed. . Er bevinden zich op deze route geen drempels die hoger dan 2 cm zijn. . Het meubilair wordt zo geplaatst dat zowel voor de tafel van de voorzitter als voor het aangepaste stemhokje voldoende manoeuvreerruimte is: dus minstens 1,50 m. . Zorg voor enkele stoelen voor mensen die wachten of even willen uitrusten. Denk er wel aan dat de vrije doorgangsbreedte behouden blijft. . Voor personen met ademhalingsmoeilijkheden is een goede ventilatie in het stembureau nodig. Het rookverbod zou zeker gerespecteerd moeten worden. aangepast stemhokje . Een aangepast stemhokje is minstens 1 m breed en 1 m diep; beter nog is een diepte van 1,20 m, met een gordijn als afsluiting. . Het schrijfvlak komt op een hoogte van 80 à 85 cm. . De vrije ruimte van de vloer tot de onderkant van het schrijfvlak bedraagt 70 cm zodat personen met een rolstoel eronder kunnen rijden. Om voldoende ruimte voor de benen te creëren dient het schrijfvlak 60 cm diep te zijn. . Voor personen die zittend willen stemmen omdat ze een gering uithoudingsvermogen hebben of slecht ter been zijn, moet in het stemhokje een stoel staan. Men moet er echter aan denken die stoel te verwijderen als een rolstoelgebruiker zijn stem komt uitbrengen. . In elk stemhokje is een goede, heldere verlichting noodzakelijk voor slechtzienden (bijvoorbeeld TL-verlichting). Ook ouderen hebben nood aan een goede verlichting: 60-jarigen hebben tienmaal zoveel licht nodig als jongeren. aangepast stemhokje met stemcomputer . De ideale bedieningshoogte voor een zittend persoon ligt tussen 90 cm en 1,20 m: zowel de gleuf voor de magneetkaart als het scherm moeten zich tussen die twee uitersten bevinden. De maximale reikhoogte bedraagt 1,35 m. . Het scherm bevindt zich op hoogstens 50 cm van de gebruiker. Die afstand is noodzakelijk zowel voor de leesbaarheid van de tekst als voor de bereikbaarheid van het scherm. Het is niet aan te raden het scherm in te bouwen in de achterwand van het stemhokje omdat voor een zittend persoon het scherm dan te veraf staat. Er wordt beter gezorgd voor een onderrijdbaar tablet waarop de computer en het beeldscherm staan. . Het moet duidelijk zijn waar en hoe men de magneetkaart in de computer moet brengen. Daarom is er bij voorkeur een vrij groot contrast tussen de gleuf en de achtergrond. Op de kaart zelf komt een duidelijke pijl die aangeeft hoe men de kaart in de gleuf moet steken. . Tracht hinderlijke lichtinval op het scherm te vermijden. wetgeving ter zake De laatste wijziging van het ministerieel besluit van 6 mei 1980 (B.S. 15 mei 1980) heeft betrekking op het verplicht opstellen van stemhokjes ten behoeve van gehandicapte kiezers. . In elk gebouw waarin één of meer stembureaus zijn ondergebracht, moet gezorgd worden voor ten minste één speciaal stemhokje per vijf stembureaus ten behoeve van personen met een handicap. . Dat stemhokje voldoet aan de volgende voorwaarden: . het heeft een minimumoppervlakte van 1 m² (1x1 meter); . het is voorzien van een schrijftafel waarvan het . schrijfblad zich op een hoogte van minstens 85 cm en hoogstens 100 cm bevindt; . het heeft een gordijnafsluiting; . in de onmiddellijke omgeving staat een stoel ter beschikking van de personen met een handicap die geen rolwagen gebruiken. . Bovendien wordt ervoor gezorgd dat de niveauverschillen op de gelijkvloerse verdieping worden voorzien van een hellend vlak in hout (helling 6 %). . De stemhokjes voor personen met een handicap worden in de onmiddellijke nabijheid van de stembureaus geplaatst. De kiezer die van dat speciaal ingericht stemhokje gebruik wenst te maken, richt zijnverzoek aan de voorzitter van zijn bureau. Het ideaal zou zijn dat in elk stembureau één aangepast stemhokje wordt ingericht. Zo bevinden personen met een beperking zich niet in een uitzonderingspositie. Het hokje kan bovendien ook door anderen gebruikt worden. Kiezers die om medische redenen niet zelf hun stem kunnen uitbrengen, kunnen een andere persoon volmacht geven om in hun plaats te stemmen. De volmacht mag gegeven worden aan eenieder die zelf stemgerechtigd is. Een gemachtigde kan slechts van één persoon een volmacht krijgen. Wie een beperking heeft en zelf wil gaan stemmen mag zich, met toestemming van de voorzitter, in het stemhokje door iemand laten bijstaan. Deze brochure is een uitgave van: [pic] [pic] het ministerie van de Vlaamse Gemeenschap, Gelijke Kansen in Vlaanderen De brochure werd samengesteld door [pic] de vzw Toegankelijkheidsbureau Koorstraat 1, 3510 KERMT - tel.: 011 87 41 38 - fax: 011 87 41 39 Noorderlaan 4, 1731 ZELLIK - tel.: 02 465 55 25 - fax: 02 465 55 26 e-mail: info@toegankelijkheidsbureau.be - website: www.toegankelijkheidsbureau.be Als u meer informatie wilt over het toegankelijkheidsbeleid in Vlaanderen, kunt u contact opnemen met de Provinciale Steunpunten Toegankelijkheid: tel. Vlaams-Brabant: 016 26 73 91 tel. Limburg: 011 23 82 82 tel. West-Vlaanderen: 050 40 34 76 tel. Oost-Vlaanderen: 09 267 75 85 tel. Antwerpen: 03 240 56 52 U kunt deze brochure aanvragen bij: Vlaams Steunpunt Toegankelijkheid Gelijke Kansen in Vlaanderen Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap Boudewijnlaan 30 - 1000 BRUSSEL tel.: 02 553 58 46 fax: 02 553 51 38 e-mail: gelijkekansen@vlaanderen.be In dezelfde reeks zijn ook verschenen: Toegankelijkheid van bankgebouwen, Toegankelijkheid van bibliotheken, Toegankelijkheid van cultuurcentra, Toegankelijkheid van gebedshuizen, Toegankelijkheid van groengebieden, Toegankelijkheid van hotels, Toegankelijkheid van kantoren van vrije beroepen, Toegankelijkheid van restaurants en cafés, Toegankelijkheid van scholen, Toegankelijkheid van signalisatie in en rond het gebouw, Toegankelijkheid van sociale diensten, Toegankelijkheid van speeltuinen, Toegankelijkheid van sporthallen en zwembaden, Toegankelijkheid van voetpaden, Toegankelijkheid van winkels.